38. Psychotherapie en zelf-realisatie


[1] V: Ik werk als huwelijkstherapeut en psychotherapeut, en geef les in counseling op masterniveau. Ik volg jouw webpagina over psychologie en psychotherapie al jaren, en ik vind het een waardevolle bron die ik aanbeveel en vaak als werkopdracht aan mijn studenten therapie geef. Toen je begon te praten over zelfrealisatie, volgde ik dat ook. Ik zag het gesprek tussen jou en een andere spirituele leraar waarin hij zei dat psychologie vooral onzin was en alleen maar afleidde van zelfrealisatie, waar je het niet mee eens was. Zou je alsjeblieft verder commentaar willen geven?

[2] A: Ik heb jarenlang gezwegen over zogenaamde "zelfrealisatie". Omdat ik had genoten en geprofiteerd had van het horen van de ideeën van anderen die mij waren voorgegaan, begon dat zwijgen te voelen als een onnodig achterhouden, dus begon ik erover te spreken, maar ik beschouw het uiten van mijn perspectief niet als "spiritueel onderricht".

[3] Het woord "spiritualiteit" wordt inmiddels zo veelvuldig gebruikt dat het vrijwel niets meer betekent. De preek in een megakerk wordt spiritueel onderwijs genoemd, net als de logische bewijzen en argumenten van Hindoe goeroes. De enige "spiritualiteit" die deze twee gemeen hebben is het nogal bizarre idee dat een mens op de een of andere manier de waarheid kan kennen over ultieme zaken.

[4] Waar ik het hier over heb is naar mijn mening iets heel anders. Mijn woorden zijn helemaal geen spiritueel onderricht, maar wijzen op de onzekerheid van gissingen, en de dwaasheid van goedgelovigheid ten aanzien van alles wat met spiritualiteit te maken heeft.

[5] In het licht van de vergankelijkheid lijkt de ijdelheid van het beweren dat je "gerealiseerd" bent, of, nog erger, het beweren dat je het kunt onderwijzen, onmiskenbaar. Immers, de "zelfrealisatie" van vandaag kan morgen "Wat dacht ik wel niet?" zijn. Voor mij lijkt dit vanzelfsprekend, maar voor anderen misschien niet, en ik heb geen magische middelen om iemand ervan te overtuigen dat "definitieve antwoorden" nooit echt definitief zijn, omdat het ontwaken nooit eindigt. Ik kan het hebben over vergankelijkheid. Ik kan het bespreken. Maar het begrijpen van vergankelijkheid - met inbegrip van de vergankelijkheid van ideeën en zelfdefinities - komt willens nillens als een bliksemflits, en niemand weet hoe die flits geproduceerd wordt.

[6] Zoals de T'ang dichter, Han-shan, schreef:

[7] Ik kwam eens op de Koude Berg om te zitten
En bleef vervolgens dertig jaar lang.
Gisteren ging ik op bezoek bij familie en vrienden;
Meer dan de helft was naar de Yellow Springs gegaan.
Beetje bij beetje vervaagt het leven als een smeltende kaars,
Gaat voorbij als een rivier die nooit rust.
Deze morgen zie ik mijn eenzame schaduw
En voor ik het weet, stromen de tranen naar beneden.

[8] Woorden over verlies en vergankelijkheid kunnen je aan het huilen maken. Maar die tranen zouden niet zo zijn als die welke over de wangen van Han-shan stroomden toen hij zijn eenzame schaduw zag. Die tranen zijn het gevolg van een bliksemflits.

[9] Ik beschouw psychotherapie als een essentiële genezingskunst. Spiritualiteit is geen vervanging voor dat soort genezing, en kan die zelfs belemmeren door een ineffectief medicijn in de plaats te stellen van een medicijn dat echt zou kunnen werken. Veel predikers van spiritualiteit lijken zelf te lijden aan emotionele problemen, maar verbeelden zich op de een of andere manier deze problemen te hebben omzeild door rechtstreeks van neuroticisme naar "realisatie" te springen. Dan verergeren zij de fout door dezelfde waan bij hun volgelingen teweeg te brengen.

[10] Na een ernstig lichamelijk letsel kan men een fysiotherapeut raadplegen voor hulp bij het terugkrijgen van de bewegingsvrijheid. Psychotherapie heeft dezelfde rol als het gaat om emotionele verwondingen, waarvan de genezing het bevorderen van emotionele bewegingsvrijheid vereist. Ik ben met pensioen, maar mijn Weltanschauung - mijn wereldbeeld - wordt nog steeds beïnvloed door mijn ervaringen in dat werk. Hoe kan het ook anders?

[11] Daarom geef ik er de voorkeur aan, wanneer mij om advies wordt gevraagd, mij te richten op gewone gedachten en emotionele details, niet op zogenaamde "spirituele ervaringen". In dat opzicht sluit ik mij aan bij de houding van wijlen Charlotte Beck, een zeldzaam soort lerares die zich niets gelegen liet liggen aan een zweverige wereldvreemdheid. "Ik ontmoet," schreef ze, "allerlei mensen die allerlei ervaringen hebben gehad en die nog steeds in de war zijn en het niet erg goed doen in hun leven. Ervaringen zijn niet genoeg. Mijn studenten leren dat als ze zogenaamde ervaringen hebben, het me echt niet veel kan schelen om erover te horen. Ik zeg ze gewoon: 'Ja, dat is oké. Hou je er niet aan vast. En hoe gaat je relatie met je moeder?

[12] Aangezien je die dialoog hebt gevolgd tussen mij en de zelfbenoemde spirituele leraar die me bleef proberen te overtuigen van zijn "zelfrealisatie", weet je al dat ik niets moet hebben van dergelijke beweringen, noch van die epigonen die de ideeën van de klassieke Vedanta en het boeddhisme eenvoudigweg opdreunen alsof ze er op de een of andere manier eigenaar van zijn.

[13] Op elk moment zijn de dingen zoals ze zijn en kunnen ze niet anders zijn. Niets is verborgen of esoterisch. Jij ziet wat jij ziet, en dat ben jij. Ik zie wat ik zie, en dat ben ik. Wanneer dat duidelijk is, verdwijnt de behoefte aan "spiritualiteit" uit het raam.