2. Een schone lei


[1]V: Voor velen van ons kan de waarheid onder ogen zien beangstigend zijn. Het schijnbare verlies van de grenzen van je persoonlijke zelf, je geconditioneerde zelf, voelt als de ultieme opoffering. Maar als we open willen staan voor de waarheid moeten we dit onder ogen zien. Het geconditioneerde denken bestaat niet meer als we de waarheid vinden, want ontwaken is het verwerpen van geconditioneerd denken en geconditioneerde manieren. Theoretisch staat de mens open voor de onbeperkte waarheid. In dit stadium wordt het te pijnlijk om vast te houden aan de gekoesterde conditionering, en dit is waar de hulp van een vriend als Robert van onschatbare waarde is. Op dit punt in de aanvaarding van dat offer, spreek ik er met niemand meer over, en ik weet zeker dat iedereen heel blij is dat ik mijn mond houd! Dank je wel, Robert.

[2]A: Heel graag gedaan. Het is heerlijk om niet langer een wijsneus te zijn, nietwaar? De dankbaarheid die je voelt doet me denken aan de achting die ik voel voor mijn overleden mentor, Walter Chappell. Zo iemand in dit leven te ontmoeten is een waar geschenk, hoewel het, net als een mooie roos, een doornig soort geschenk kan lijken.

[3]V2: Shen Hui zei: "Er is een verschil tussen ontwaken en bevrijding. Het eerste gebeurt plotseling, maar de bevrijding die volgt is geleidelijk." Kan je daar alsjeblieft commentaar op geven?

[4]A: Wat Shen Hui zei klopt. Voordat men ontwaakt uit de trance van het worden, beoefent men meditatie of iets dergelijks in de hoop iets begerenswaardigs te bereiken. In die staat van iets willen verwerven is "beoefening" een activiteit, het doen van een of ander ritueel dat andere mensen niet doen. Iemand zou kunnen zeggen: "Ik mediteer 's morgens minstens dertig minuten, en nog eens dertig minuten voor ik naar bed ga". In de alledaagse wereld van overleven en in het levensonderhoud voorzien kunnen dergelijke inspanningen nodig zijn en beloond worden, maar in de staat waarover Shen Hui spreekt, wordt niets gewonnen door inspanning, noch verloren door het ontbreken ervan. Op elk moment zijn de dingen gewoon zoals ze zijn, of "ik" dat nu leuk vind of niet.

[5]Dat inzicht is niet iets dat "gerealiseerd" moet worden op een denkbeeldig toekomstig tijdstip na voldoende "beoefening", maar is een eenvoudige erkenning van de mysterieuze, onuitsprekelijke eigenheid van dit moment. In die herkenning is er geen gedachte aan meditatie, geen beoefening van meditatie, en geen mediteerder of doener. De hele ervaring van het zijn van dit specifieke gezichtspunt dat men "mijzelf" heeft leren noemen voelt volstrekt ongekozen, ondoorgrondelijk en mysterieus. Als je daarmee geconfronteerd wordt, wat zou je dan precies nog willen beoefenen?

[6]Een vriend van mij is een voormalige Zen-monnik die na zijn studie, tussen zijn twintigste en zijn dertigste tien uur per dag met zijn gezicht naar een muur heeft gezeten. Bijna tien jaar lang tien uur per dag, zittend in een kamer met andere monniken, zwijgend, zonder elkaar aan te kijken, starend naar de muur. Ik vroeg hem wat hij aan die extreme beoefening had overgehouden. Hij heeft gevoel voor humor en maakte dus een, weliswaar wrang, grapje, toen hij antwoordde: "Oh, ik ben heel goed geworden in staren naar de muur."

[7]Jaren geleden werd ik voorgesteld aan een wereldberoemde boeddhistische lerares — een vrouw wier boeken bestsellers zijn en die collegezalen en retraitecentra vult. Binnen enkele ogenblikken na haar begroeting en zonder enige inleiding vroeg ze me: "En wat is jouw beoefening?" Omdat we elkaar pas ontmoet hadden, kwam de vraag geforceerd en aanmatigend over. Haar benadering — vereenzelviging met methode — is wat Chögyam Trungpa "spiritueel materialisme" noemt, hetgeen berust op het idee dat er iets te winnen valt en dat je het door inspanning kunt bereiken.

[8]"Ik?" antwoordde ik. "Ik doe niet aan beoefening." Er was haar van tevoren verteld dat ik "iets wist," maar toen ik zei dat ik geen methode beoefende, verslapte haar interesse.

[9]Zoals Shen Hui zei, gebeurt ontwaken niet geleidelijk, maar plotseling, ogenblikkelijk. Beoefening heeft er niets mee te maken. Opeens zie je dat jij niets doet, niets beslist, niets kiest. "Mijzelf" kiest noch beslist, behalve in fantasie. Die fantasie vervaagt en biedt geen uitweg meer uit de onvermijdelijke, onophoudelijke stroom van bewustzijn. De verhalen van weleer zijn niet meer van toepassing. Op elk moment zijn de dingen zoals ze zijn en kunnen niet anders zijn, of je dat nu leuk vindt of niet.

[10]Wat je ook voelt, denkt en ziet ben je. Je hebt geen keuze - er is geen ontkomen aan jou. Dat is wat ik bedoel met het woord "ontwaken" - een plotseling besef, heel onmiskenbaar: alles wat je ziet, voelt en denkt ben je.

[11]De grens tussen het zelf en het andere lost op. Het schijnbare "andere" bevindt zich niet ergens "daarbuiten", maar is opgebouwd uit jouw percepties, jouw gevoelens, jouw gedachten. Je ziet wat je ziet. Dat is alles wat je ziet. En dat zien ben jij.

[12]Je gelooft misschien in een kosmisch plan, maar als dat zo is, dan ben jij dat geloof zelf en het zegt niets over de vraag of er werkelijk zo'n plan is. Hoe kan iemand nu weten of zo'n plan al dan niet bestaat? Op grond van welk bewijs? Op grond van welke autoriteit? Toch zijn talloze mensen er zeker van dat er zo'n plan bestaat, en velen beweren zelfs te weten wat het plan van hen verlangt.

[13]Je gelooft misschien in een god of goden, maar dat betekent niet dat zo'n godheid werkelijk bestaat. Als je erop vertrouwt dat er een "God" over je waakt, je gebeden verhoort en je daden beoordeelt, dan geloof je dat zo'n god bestaat. Het is even goed mogelijk dat een dergelijke godheid of een ander soort bewust opperwezen niet bestaat. (Ik zeg niet dat het niet bestaat - ik heb het hier niet over atheïsme).

[14]Het godsgeloof werd op zijn minst in je geest geïnjecteerd door willekeurige culturele osmose, of wat waarschijnlijker is, door osmose plus opzettelijke opvoeding door verzorgers, begonnen voor de jaren van verstand. Dat geloof werd in jouw geest gedeponeerd, hetgeen voor ons allen geldt, en dat is niet jouw schuld. Niets is jouw schuld. Je hebt nooit voor dat geloof of iets anders gekozen. Geen keuze, geen blaam.

[15]Zodra het geloof in het kosmisch plan/opperwezen eenmaal in je geest is geïnjecteerd en daar wortel heeft geschoten, zal het zich verzetten tegen elke redelijke, geleidelijke ontworteling. De interne structuren van spirituele overtuigingen bieden weerstand tegen opzettelijke, intelligente uitroeiing, waaronder:

  1. Angst voor voor de straf van god of om niet gered te worden.
  2. "Bewijzen" zoals de beweringen van getuigen van vermeende wonderen of de getuigenissen van zogenaamd heilige mensen of geschriften.
  3. Ogenschijnlijk logische argumenten - bijvoorbeeld: "Als er geen God is, hoe is dit dan allemaal zo gekomen?"
  4. Angst voor sociale veroordeling wanneer men ziet dat je je van tribale ceremonies afzijdig houdt.

[16]Deze weerstand tegen het ontwortelen van geloof is waar Shen Hui op doelde. Geloofsovertuigingen, vooral die welke vroeg in het leven geïnstalleerd worden, kunnen aanvoelen als onmisbare onderdelen van het emotionele "ondersteuningssysteem". Zoals iemand me onlangs schreef: "Zonder mijn geloof in Jezus zou ik helemaal alleen met mijn pijn moeten omgaan."

[17]Dergelijke ideeën schieten wortel door doelbewuste 'grooming', geleidelijke conditionering en krachtige indoctrinatie, die in wezen kritiekloze aanvaarding aanleren - oftewel slikt men dergelijke overtuigingen in "goed vertrouwen" - waardoor het onwaarschijnlijkis dat de rede alleen ze achteraf zal kunnen loswrikken. Zoals de Jezuïeten zeggen: "Geef me een kind tot het zeven is en ik zal je de man geven." Eenmaal zo diep verankerd, kan alleen een plotselinge flits van inzicht dergelijke overtuigingen ontmaskeren voor de verzinsels die ze in feite zijn. Zoals je een licht aansteekt in een verduisterde kamer: plotseling zie je alles, en dat zien gebeurt onmiddellijk. Wanneer het gaat om wat Shen Hui "ontwaken" noemt, bestaat er geen half wakker worden. Je snapt wat je snapt wanneer je het snapt - honderd procent of helemaal niet.

[18]Het enige dat je echt weet is dat "mijzelf", het schijnbare focus van bewustzijn dat je "ik" noemt, er altijd lijkt te zijn. Verder zijn ideeën over wat "mijzelf" wel of niet zou zijn, puur giswerk, geen feiten. Uitspraken over ultieme zaken kunnen nooit bewezen, maar enkel aanvaard worden - aangenomen als "waarheid" als gevolg van het geloof in een of andere vermeende autoriteit, opvoeding gedurende de kindertijd, respect voor traditie, een zogenaamd "onbetwistbaar" geschrift, of de uitspraken van een "gerealiseerd wezen".

[19]Geloof is alleen nodig wanneer feiten ontbreken. Feiten zijn feiten, en vereisen geen geloof. Wanneer geloofsovertuigingen worden behandeld alsof het feiten zijn, geeft dat aanleiding tot een soort zelfhypnose die ik magisch denken noem. Als je magisch denkt over het Absolute, of non-dualiteit, of zelfrealisatie, of karma en causaliteit, ben je niet ontwaakt, zeg ik, maar gehypnotiseerd. Je weet niets over die dingen. Je hebt er op een bepaald moment wel van gehoord, en accepteerde wat je hoorde. Het omarmen en voortdurend herhalen van dergelijke dogma's induceert een trance-toestand van lichtgelovigheid. Je geloofsovertuigingen zijn je geloofsovertuigingen, alleen omdat je ze gelooft, wat niets zegt over hun feitelijkheid. Absoluut niets. Nada.

[20]Bij ontwaken gaat het niet om het geleidelijk ziften van gekoesterde geloofsovertuigingen om de "ware" te behouden en de "valse" te dumpen. Wat ultieme zaken betreft, weet jij niet wat waar is en anderen weten dat evenmin. De tradities van "spiritualiteit" berusten op drieste beweringen die niet falsifieerbaar zijn noch op enigerlei wijze aantoonbaar. Aldus verblijven zij altijd in het schemergebied van uitspraken die geen feiten zijn. Een ontwakende geest heeft daar geen belangstelling voor - geen belangstelling voor het zoeken naar wat anderen zeggen dat zij zich gerealiseerd hebben.

[21]Bij het ontwaken vliegt de hele rataplan gewoon het raam uit, en daar is niets geleidelijks aan. Plotseling heeft giswerk zijn betekenis verloren, en verkondigingen over ultieme zaken missen elke geloofwaardigheid, ongeacht hun bron. Voor een geest die vrij is van geloofsovertuigingen, is dat wat er is, dat wat er is, ongeacht de interpretaties die anderen aan deze beleving proberen te geven. Elk moment is eenmalig, nooit te herhalen sui generis-een moment op zichzelf-een schone lei.

[22]Dit betekent niet dat men wat de Boeddha te zeggen had nu moet mijden, of Trungpa, die ik zojuist noemde, of anderen. Maar het zijn hun vragen die de moeite waard zijn, niet hun antwoorden. Wanneer je je vastklampt aan hun antwoorden, dan doe je niet wat zij deden, namelijk de uitleg van anderen volledig loslaten. Zonder dat loslaten is men voor altijd een aanhanger of epigoon - slechts een discipel die gehypnotiseerd is door het geloof in opgevangen woorden , en hoe men de woorden gehoord heeft.

[23]Het verhaal van de Boeddha (die uiteraard geen Boeddhist was) gaat niet over iets geloven, maar over het volledig loslaten van dogma's of ondersteuning van welke aard dan ook ten gunste van een ongehinderde, radicale zoektocht binnen je eigen geest, vrij van ballast -met een schone lei.

[24]V2: Robert, kun je iets meer zeggen over wat je bedoelt met "Ik blijf onophoudelijk oefenen?"

[25]A: Wel, ik gebruikte het woord "methode" in antwoord op een vraag. In feite heb ik geen methode, afgezien van openstaan voor elk moment. Ik bedoelde aan te geven dat ik niet kan vergeten - zelfs al zou ik het proberen - dat ik de wereld onvermijdelijk zie vanuit een gezichtspunt, en dat dat wat "ik" wordt genoemd niets anders is dan een gezichtspunt, het gezichtspunt dat uniek is voor "mij" op dit moment. Dat is wat "ik" ben: een gezichtspunt. Zonder gezichtspunt is er geen "Robert". En jouw 'ik' behelst een ander gezichtspunt zonder welke er geen 'jij' is. Geen van ons beiden ziet de wereld zoals die echt is.

[26]Bovendien ziet niet alleen geen van ons de wereld zoals die echt is, maar niemand heeft ook maar het geringste idee van wat "de wereld zien zoals die werkelijk is" zou kunnen betekenen. De ervaring van hoe het zou zijn of voelen om "de wereld te zien zoals hij werkelijk is" is letterlijk onvoorstelbaar. Zoals de bioloog J.B.S. Haldane het formuleerde: "Mijn eigen vermoeden is dat het universum niet alleen vreemder is dan we veronderstellen, maar ook vreemder dan we kunnen veronderstellen." Ik wilde diezelfde vreemdheid oproepen door Barnaby Barratt's uitspraak te citeren: "Het 'ik', zoals dat voorkomt in uitspraken, denkt nooit alleen maar wat het denkt te denken, en is nooit alleen maar wat het denkt te zijn."

[27]Het gebruik van het woord "ik" lijkt onvermijdelijk. Merk echter op dat het woord "ik" helemaal niet verwijst naar iets dat vastligt, maar naar een stroom die elke beschrijving trotseert en nooit kan worden vastgepind of gedwongen zich op een andere manier te gedragen.

[28]Te midden van die stroom bevat elk moment iets dat gezien, gevoeld of gedacht wordt. Maar dat "iets" is nooit slechts wat we denken dat het is, en zeker niet wat we ons hadden voorgesteld dat het zou kunnen zijn of zou moeten zijn. Wanneer men tot dat feit ontwaakt is, leeft men zonder te weten wat iets "werkelijk" is, zonder te verwachten dit te weten, en zonder het schijnbaar zinloze of de leegte te moeten opvullen met spirituele geloofsovertuigingen. Als je van het woord "methode" houdt, dan is dat voor mij de betekenis.

[29]V3: Maar, Robert, er bestaan veel verhalen van mensen die tot een werkelijk weten kwamen, niet door logica, of niet door logica alleen, maar door innerlijke ervaring. De Hindoes noemen hen jnanis, wat kenners betekent. Wat vind jij hiervan?

[30]A: Het werkwoord "kennen" kan zo veel dingen betekenen. Dat vormt onderdeel van ons gesprek hier. Het is duidelijk dat de betekenis van dat woord afhangt van waar men de grenzen en de geldigheid van het begrip "kennen" legt. Ik heb gesproken met mensen die zichzelf jnani's noemden, en vernomen wat zij zeggen te weten, en waarvan zij zonder enige twijfel overtuigd schijnen te zijn. Ik heb een paar verslagen gelezen van Nisargadatta, de befaamde twintigste-eeuwse jnani. Vanuit mijn gezichtspunt is dat soort weten verwant aan wat de Bijbel het kennen van een vrouw noemt, hetgeen betekent dat men seks met haar heeft.

[31] Oké, je hebt de nacht met haar doorgebracht, en je noemt het "haar kennen." Je weet wat jij hebt meegemaakt, maar je kent die vrouw niet, en dat gaat ook nooit lukken. Op geen enkele wijze kan je haar kennen. Je kent jezelf, en verder kom je niet. Je kent je indrukken van die vrouw, je beelden van haar, niet de "waarheid" over haar.

[32]Op precies dezelfde manier ken je, ondanks je aanspraken op jnana, het "Opperwezen" niet en weet je zelfs niet of het woord "Opperwezen" naar iets anders verwijst dan naar een cultureel sjibbolet waarmee je geïndoctrineerd werd vóór de jaren des onderscheids, en dat je nu projecteert op wat je "de wereld" noemt. Natuurlijk is dat slechts mijn standpunt. Ik begrijp dat jij het jouwe hebt.

[33]Jij beweert dat gewaarzijn of bewustzijn het menselijk lichaam en al het andere schept. Je beweert het, maar je weet het niet. Je kunt er van overtuigd zijn. Maar overtuigd zijn is niet hetzelfde als weten - niet in mijn ogen. Naar mijn definitie van kennen, is het misschien wel zo dat bewustzijn helemaal niet buiten lichaam en hersenen bestaat, maar net zo goed een epifenomeen kan zijn, een neveneffect zogezegd, van een geëvolueerd zenuwstelsel. Dat is geen materialisme of reductionisme. Ik beweer niet dat hersenen het bewustzijn veroorzaken of produceren. Verre van dat. Ik weet het gewoon niet. Maar als het zo zou zijn, als bewustzijn niet de schepper van zenuwstelsels en al het andere zou zijn, maar een epifenomeen - een bijkomend kenmerk - van voldoende geëvolueerde zenuwstelsels (of zelfs niet-biologische informatiesystemen van de vereiste complexiteit), dan zou de wereld er net zo uit kunnen zien als nu, en jullie jnanis zouden het verschil op geen enkele manier kunnen weten.

[34]Daarom zeg ik dat het aanmerken van wie dan ook als een "gerealiseerd wezen" pure flauwekul is - waar je niets mee kunt aanvangen. Vertel me eerst wat de grote "heilige" niet weet.

[35]Men vraagt mij vaak waarom ik zeg dat spiritueel onderricht meestal een egotrip is, een soort melkkoe, of allebei. Daarmee wil ik geen afbreuk doen aan gewone wijsheid die kan worden overgebracht aan iemand die ervoor openstaat om haar te horen. Dat kan een geschenk zijn. Als ik zeg "egotrip" of "melkkoe", dan doel ik op het soort onderricht dat beweert Waarheid, met hoofdletter "W", te onderwijzen - "waarheid" over ultieme zaken, over "God", over wat "ik" ben, over wat bewustzijn is, of over wat er na de dood gebeurt. Er zit geen wijsheid in al dat gepraat, zeg ik; het is ongefundeerd giswerk dat gevoed wordt door psychologische behoeften, gewoonten en stamgewoonten, niet door bewijs.

[36]Vanuit mijn perspectief lijkt dat soort "onderricht" vreselijk beperkt. De cultureel geconditioneerde menselijke geest wordt daarbij direct in het middelpunt van alles geplaatst, zodat, om een voorbeeld te noemen, liefde, wat een menselijk gevoel/ervaring is (we zeggen immers niet dat de ene huisvlieg van de andere houdt), wordt gedefinieerd als "Waarheid".

[37]Dat antropocentrisme doet me sterk denken aan het standpunt van de oude Grieken en Romeinen, zoals Ptolemaeus, die, in de veronderstelling dat de Aarde het middelpunt van het heelal was, een heel ingewikkeld verhaal over de bewegingen van hemellichamen construeerde dat op geen enkele feitelijke basis berustte. Dat verhaal, hoe onwaar ook, heeft 1500 jaar of langer stand gehouden. Zelfs vandaag nog zijn sommige christenen en andere bijbelgelovigen ontstemd over een kosmologie die de aarde en de mens niet in het middelpunt van het heelal plaatst.

[38]Een mens, zeg ik, is het middelpunt van niets anders dan haar of zijn eigen gezichtspunt. Mensen kunnen zichzelf hun leven lang feliciteren met het feit dat ze een ultieme, overkoepelende "Waarheid" hebben waargenomen. Een paradijs voor dwazen noem ik het. Men kan redelijkerwijs spreken over altruïsme, zelfopoffering, liefde, mededogen en dergelijke als menselijke ervaringen, maar als er werkelijk één overkoepelende "Waarheid" zou zijn, dan kan die waarheid toch zeker niet bestaan uit dat wat enkel vanuit een menselijk perspectief gezien kan worden, noch kunnen we verwachten dat die toegankelijk zou zijn voor menselijk begrip.

[39]Wij mensen zien slechts een miniscuul gedeelte van het universum, waarvan het grootste deel onzichtbaar voor ons is. Hoe egoïstisch, zelfvoldaan en zelfgenoegzaam lijkt het om te spreken over "Waarheid" met een hoofdletter "W". Als ik mezelf zo zou horen praten, zou ik mijn mond met zeep willen uitspoelen.

[40]Naar mijn mening dient het geklets over de "Waarheid" in de eerste plaats als een middel om de angst te verminderen voor de existentiële onzekerheden van de menselijke situatie. Deze worden vaak mooier gemaakt of verdoezeld, maar blijven nooit helemaal buiten beeld. In de economie van de menselijke psyche, vind ik dat zekerheid over de ene of de andere zogenaamde "Waarheid" vooral functioneert als een middel om zichzelf te kalmeren. Als je hieraan twijfelt, kijk dan maar eens naar de turbulente reacties van ware gelovigen wanneer normale, redelijke twijfel over hun afgoden wordt uitgesproken.

[41]Wat is, is. Toen de Boeddha, in plaats van te spreken, zweeg en zijn toehoorders simpelweg één volmaakte bloem toonde, keken de verzamelde monniken vol verwachting uit naar het begin van de preek. Alleen Mahakas'yapa begreep het, en toen hij dat zag, glimlachte de Boeddha.

[42]Het gevoel een zelf te zijn is hier en nu, altijd aanwezig in de een of andere vorm, dus is er niets dat bereikt moet worden, noch is er iets waarnaar men moet streven. Men gaat op natuurlijke wijze op in de huidige stroom van ideeën, gebeurtenissen en gevoelens zonder zich ooit voor te stellen dat men iets aan het bereiken is - zonder zich ooit voor te stellen dat men die stroom of zijn bron begrijpt, of zelfs dat men op enigerlei wijze los van de stroom staat. Elk moment is gewoon wat het is, wanneer het er is. Dat is wat ik bedoel als ik zeg dat ontwaken nooit eindigt. Ik stel me voor dat Shen Hui's verwijzing naar "geleidelijke bevrijding" zijn manier was om te zeggen dat ontwaken nooit eindigt.

[43]V3: Dank je voor je zeer duidelijke antwoord, Robert. Ik geloof niet dat ik je het woord "beoefening" eerder heb horen gebruiken, maar je uitleg bevalt me.

[44]A: Het is niet een woord dat ik dikwijls zou gebruiken, behalve in de context van een negatie om te wijzen op het feit dat vaste procedures of overtuigingen niet helpen om te ontwaken.

[45]V4: Robert, als je niet gelooft in een opperwezen, waar denk je dat je bewustzijn dan vandaan komt?

[46]A: Ik heb geen idee, en jij ook niet durf ik te wedden, tenzij je het uit de tweede hand hebt en gebaseerd is op het feit dat iemand, die beweert toegang te hebben tot de "Waarheid", je bepaalde dingen heeft verteld, en dat je die geruchten vervolgens hebt geslikt alsof het werkelijk waar is.

[47]Vragen over een uiteindelijke oorsprong hebben geen feitelijke antwoorden, dus het stellen van zulke vragen is een dwaas tijdverdrijf dat slechts de versleten doctrinaire beweringen kan oproepen die gewoonlijk worden ingezet tegen de angsten van het dagelijkse leven. Als ik zeg "dagelijks leven", dan bedoel ik leven in het hier en nu zonder geloof in een goedaardige bovenbaas, beloften van een betere toekomst, of garanties van een uiteindelijk Nirvana. Ik bedoel een leven waarin een geliefde vriend en metgezel in een oogwenk voor altijd verloren kan zijn, en niet nog eens ontmoet kan worden in een of andere vermeende "hemel". Ik bedoel een leven dat misschien helemaal geen doel heeft buiten het leven van moment tot moment.

[48]Alle profeten, jnanis en leraren uit het verleden waren mensen, net als jij en ik. Zij hadden hun ervaringen en ideeën, jij hebt de jouwe, en ik de mijne. Je hebt het volste recht om te geloven wat je wil. Mij best. Ik vertel je niet wat je wel of niet moet geloven. Alles wat ik hier zeg is pure zelfexpressie zonder een verdere agenda. Ik denk nooit na over opperwezens, ontwaken, en dergelijke zaken tenzij iemand me er naar vraagt.

[49]Na de aanvankelijke schok duurde het enkele jaren, met inbegrip van de beproevingen van een ernstige ziekte, voordat ik kon accepteren wat nu volkomen duidelijk en onmiskenbaar lijkt: er is geen "zelf" los van wat wordt gezien, gevoeld en gedacht. Tijdens die aanpassingsperiode heb ik veel over deze zaken nagedacht en gelezen wat anderen te zeggen hadden, maar tegenwoordig bevind ik mij in het domein van spontane deelname, niet van analyse. Misschien is dit wat Shen Hui bevrijding noemde.

[50]Vrij-zijn van het gekende, zoals Jiddu Krishnamurti het noemde, is geen intellectueel spel, maar een wereldveranderende ervaring. Te leven zonder vragen, om maar te zwijgen over antwoorden, kan ontmoedigend of zelfs bedreigend klinken. Velen hier zijn gewend aan geruststellende gesprekken waarin veronderstellingen over wat "werkelijkheid" is, dienen om ongewenste gedachten over de schijnbare leegte en mogelijke zinloosheid van het menselijk bestaan te voorkomen. Men kan bang zijn dat ontwaken tot een leven zonder doelen en ideologieën zal leiden tot depressie of wanhoop en dus aarzelt men om elk moment als nieuw te beleven, vrij van enig spiritueel programma. Maar juist die aarzeling - die vermijding - is een belemmering voor het alledaagse, ontwaakte leven dat vereist dat je je ervaring van moment tot moment doorbijt en inslikt, zonder verklaringen, zonder beloften van toekomstige glorie, en soms met nauwelijks genoeg speeksel om het door te slikken.

[51]V2: Wanneer je zegt "vermijding", wat wordt er dan vermeden, Robert?

[52]A: Ik bedoel dat gezien vanuit het gezichtspunt van "mijzelf," onderscheid maken tussen werkelijkheid en illusie misschien niet helemaal haalbaar is. Uiteraard is dat natuurlijk maar wat ik zeg.