1. Ontwaken en persoonlijk gedrag


[1] V: Hallo Robert. Welke invloed heeft ontwaken, vanuit psychologisch oogpunt, op persoonlijk gedrag? Ik herinner me een gesprek waarin je een 'zesjarige kater' noemde die het voortduren van "Robert’s" narcistisch gedrag betrof, ondanks je plotselinge ontwakingservaring.

[2] Ik heb naar verhalen geluisterd van mensen met soortgelijke ervaringen. Een van mijn favoriete beschrijvingen is van de Engelsman, Rupert Spira. Hij zegt dat de oude gewoonten van denken, voelen en waarnemen als een afgescheiden zelf een leven lang kunnen voortduren, zelfs nadat je je gerealiseerd hebt dat een afgescheiden zelf een illusie is. Shinzen Young, een in Amerika geboren meditatieleraar die een grote invloed op mijn denken heeft gehad, ontwaakte nadat hij als monnik in Japan had geleefd, maar bleef zelfs 35 jaar na zijn ontwaken vechten tegen cannabisverslaving en uitstelgedrag. Ik verwacht niet dat een plotselinge ontwakingservaring resulteert in onmiddellijke gedragsveranderingen, maar heb jij het gevoel dat jouw ervaring je gedrag op een positieve manier heeft veranderd?

[3] V2: Robert, je lijkt een harde criticus te zijn van religie en spiritualiteit, niet alleen van de oude boekreligies, maar ook van new age-spiritualiteit, neo-Advaita en dergelijke. Is dat iets wat je al voelde voor het ontwaken, of resulteerde de ontwakingservaring in deze scepsis?

[4] Robert: Het woord 'ontwaakt' kan problematisch zijn, ook zonder de gebruikelijke onzekerheid over wat het ene of het andere woord werkelijk betekent. Ten eerste duidt het woord 'ontwaakt' een soort onveranderlijke toestand aan - een permanente toestand waarin een persoon, de ontwaakte, blijft of verblijft - maar dat is niet mijn ervaring. Ten tweede klinken woorden als 'ontwaakt' en 'verlicht' nogal grandioos voor een perspectief dat heel natuurlijk lijkt – net zo natuurlijk, zou ik zeggen, als wakker worden uit een middagdutje en jezelf levend en bewust aantreffen. Dus, voordat ik je vragen beantwoord, moet ik mijn gebruik van het woord 'ontwaakt' verduidelijken.

[5] Telkens wanneer ik erover nadenk of het opmerk, tref ik mezelf hier aan. Als ik 'hier' zeg, bedoel ik in het visuele centrum van een klaarblijkelijke wereld van beelden; in het auditieve centrum van een klaarblijkelijke wereld van geluiden; in het tactiele centrum van een klaarblijkelijke wereld van textuur, enz. Het geheel van die zintuiglijke informatie, waarvan het merendeel meestal onopgemerkt blijft, wordt van moment tot moment samengevoegd tot de ervaring van 'de wereld'. Ik kan dat samenvoegen net zo min doen als dat ik voedsel kan verteren of bloed kan laten circuleren. Ik heb hierin geen keus. Als ik uit mijn slaap ontwaak, is de wereld er, een naadloze vervaardiging die niet van mijn hand is. Ik weet ook niet wat die wereld 'werkelijk' is noch waar mijn ervaring ervan vandaan komt.

[6] Omdat ik de wereld noch maak, noch, ondanks de dogma's van religie en spiritualiteit, ook maar iets weet over haar oorsprong, weet ik ook niet, en kan ik ook niet weten wat 'ik' — een aspect van die wereld — ben.

[7] Dus voor mij betekent ontwaken het einde van 'spiritualiteit', in het licht van het onmiskenbare begrip dat alle gissingen over het onderwerp 'mijzelf' tekortschieten - moeten tekortschieten - om daadwerkelijk iets te verklaren. Op elk moment tref ik mezelf hier aan als de klaarblijkelijke focus van bewustzijn zonder er ooit voor gekozen te hebben om hier te zijn, zonder te weten wat ik "werkelijk" ben, en zonder dat ik het hoef te weten. Ik ben me er terdege van bewust dat wat ik zie en voel op de een of andere manier gefabriceerd is, maar dit is de wereld die ik aantref, en dus leef ik als een klaarblijkelijk bestanddeel van deze wereld van mij, in de wereld en met de wereld - niet in een wereld van vermoedens, veronderstellingen en verholen ultieme zaken, maar hier en nu. Dat is wat ik bedoel met 'ontwaakt'.

[8] Ik hoorde Rupert Spira eens op de radio. Hij leek zowel objectief als nederig te spreken over zijn ontwakingservaring - beide een goed teken wat mij betreft. Zoals je weet, ervoer ik een abrupte verschuiving van focus waardoor ik een tijdlang sprakeloos was, enkel in staat om naakt op de grond te zitten lachen. Ik moest lachen toen ik zag dat de grap over mij ging: “Dit is onmiskenbaar. Dit is hier altijd geweest. Hoe heb ik dit kunnen missen?” Ik lachte ook, denk ik, van opluchting bij deze plotselinge bevrijding.

[9] Ik heb verteld over de nasleep van die gebeurtenis, en over de moeilijkheid om de splitsing tussen het mysterieuze, onbekende 'ik' en de gewone, conventionele persoon wiens egocentrische standpunt en gewoonlijk neurotische persoonlijkheid evident zijn, te verzoenen. Die splitsing moest worden verzoend omdat beide figureerden in hetzelfde lichaam en dezelfde mond gebruikten om mee te praten.

[10] Ik kan me niet herinneren dat ik een kater van zes jaar heb genoemd, maar ik veronderstel dat dat verwijst naar een ernstige ziekte die ik in 1990 opliep, ongeveer zes jaar na de eerste doorbraak. Die ziekte sloeg hard toe aan de vooravond van de opening van een tentoonstelling en signeersessie waarover ik me nogal gewichtig en zelfingenomen had gevoeld. Uiteindelijk was ik te ziek om te gaan en heb ik het hele gebeuren gemist. Tijdens de daaropvolgende maanden van hevig lijden en herstel, kwam ik tot de ontdekking dat ik, ondanks de abrupte ervaring van het ontwaken, dat volkomen echt en onmiskenbaar aanvoelde, nog steeds een uitgesproken zelfgenoegzaamheid koesterde ten aanzien van mijn werk als kunstenaar, alsof ik de maker van dat werk zou zijn, hoewel ik heel goed wist dat 'ego-ik' nooit een maker geweest was. Daar was het dan, duidelijk uitgelijnd — de splitsing.

[11] Ik veronderstel dat Rupert en Shinzen bedoelden dat men zich bewust kan zijn van de beperkingen van het gewone 'ik' en toch op de een of andere manier — alsof men zichzelf op emotioneel niveau een rad voor ogen draait — dit vergeet, en zo, recidiverend zich verbeeldt dat men soms wel controle heeft over vermogens als willen en beslissen — vermogens waarvan men al gezien heeft dat ze niet bestaan. Het is blijkbaar niet genoeg om te 'ontwaken'. Het ontwaken moet vervolgens worden geabsorbeerd door die delen van de persoonlijkheid die de achterstand mogelijk langzaam wegwerken, omdat ze geïsoleerd zijn geraakt door de gewoonten en de eisen van eigenbelang. Zoekers naar verlichting stellen zich vaak voor dat ontwaken de plotselinge en absolute vernietiging van het 'persoonlijke zelf' met zich mee brengt, maar dat is niet mijn ervaring. Ontwaken, zeg ik, eindigt nooit, en persoonlijkheid ook niet.

[12] Persoonlijkheid! Niemand kan kiezen met welke persoonlijkheid hij of zij moet leven, net zomin als wij ons lichaam, de omstandigheden van onze geboorte en opvoeding, en al het overige, kunnen kiezen. Persoonlijkheid overkomt ons als het lot en wordt op natuurlijke wijze uitgedrukt en beleefd. Mijns inziens komen de enige wijzigingen van deze automatische expressie tot stand door invloeden van buitenaf. Veranderingen vinden tegelijkertijd plaats met het 'doen' van het hele universum, en niet in gehoorzaamheid aan de wensen van een schijnbare 'beslisser'. Wat zorgt er tenslotte in eerste instantie voor dat de veronderstelde beslisser wil veranderen? Waar komt die wens vandaan?

[13] Voor mij is een ogenschijnlijk persoonlijk zelf nog steeds aanwezig, maar het heeft de macht over zijn oordelen, zekerheden en favoriete overtuigingen verloren. Weg is ook de gebruikelijke, intense identificatie met een persoonlijke geschiedenis en autobiografie, alsof je het verleden zou kunnen bezitten, of toch minstens je eigen kleine stukje daarvan. Ik bedoel niet dat ik me eerdere ervaringen niet kan herinneren, maar dat die hun vermogen hebben verloren om het heden te beïnvloeden en te conditioneren. Als ik spreek over vervlogen tijden, voelt het alsof ik het over een totaal ander persoon heb.

[14] Zonder zijn zekerheden en gebruikelijke gehechtheid aan zelfvervulling en zelfrechtvaardiging, heeft het persoonlijke zelf nergens een solide basis. Als er woede is, duurt die maar een moment. Als er lust is duurt die ook maar even. Dergelijke gevoelens worden niet gerationaliseerd en verklaard aan de hand van het verleden, noch worden ze ondersteund door ze te verweven in een verhaal waarvan je denkt dat het zich zal voortzetten in een gevisualiseerde toekomst. Voor mij zijn gevoelens niet op die manier met elkaar verbonden. Je leeft echt te allen tijde enkel hier en nu, niet uit vrije keuze, maar gewoon omdat het zo is.

[15] Niemand heeft de juiste woorden gevonden om dit uit te leggen, of ik ben ze in ieder geval nog nooit tegengekomen. D.T. Suzuki zei: "Verlichting is als alledaags bewustzijn, maar dan vijf centimeter boven de grond." Zoals ik al eerder gezegd heb, lijkt het woord 'verlichting' iets te veel in kannen en kruiken te zijn naar mijn smaak. Desalniettemin is het beeld dat Suzuki gebruikt zo slecht nog niet, omdat het zowel het gewone van het hele gebeuren vastlegt als het gevoel lichtvoetig rond te lopen in deze wereld van alledaagse zaken, die gewoon zijn wat ze zijn, wanneer ze zijn, wat iemand er verder ook van denkt.

[16] Wat betreft de verzoening van de splitsing tussen de sociaal geconstrueerde persoon en het moment-tot-moment ontwaakt zijn, benaderen mensen met een religieuze achtergrond die materie soms door middel van verwijzing naar traditie. Voor een ontwakende christen, bijvoorbeeld, kan de ervaring die ik 'keuzeloosheid' noem (de dingen zijn zoals ze zijn en kunnen op dit moment niet anders zijn) worden geïllustreerd met de woorden: "Vergeef hen Heer, want ze weten niet wat ze doen" (vergeef hen omdat ze geen keus hebben).

[17] Echter, ontwaken begrijpen met behulp van het jargon en de symboliek van iemands traditionele opvoeding is één ding, maar het nadoen van een zogenaamd heilige persoon of heilige houding, of het aannemen van een religieus idee met de verwachting dat een dergelijke imitatie tot ontwaken zal leiden, is iets heel anders. Dat laatste is, zeg ik, ijdele hoop. Het volgen van anderen zal er niet toe leiden dat ik mezelf en de wereld zal zien als het mysterie dat ze in feite zijn. Eerder het tegenovergestelde. Ontwaken gebeurt wanneer je niets of niemand volgt.

[18] Sommige zoekers, zowel oosterse als westerse, streven ernaar verlossing of bevrijding te vinden middels zelfrealisatie in overeenstemming met hun opvattingen van een opperwezen - een soort Imitatio Dei - maar mij lijkt dat soort "verlossing" zelfhypnose, en niet ontwaken.

[19] Vanuit mijn perspectief functioneren het nemen van beslissingen en het maken van keuzes hoogstens binnen een beperkt gebied dat meer fictief is dan werkelijk. Als je ziet dat er feitelijk niet zoiets bestaat als vrije wil, dan verdwijnt het vermogen om te beschuldigen, te verwijten en te berispen. Geen keuze impliceert geen schuld. Dat is wat vergeving is. Niet dat iemand ervoor kiest of besluit om te vergeven.

[20] Scepsis is niet het juiste woord voor mijn onverschilligheid ten opzichte van religie en spiritualiteit. Nu ik het lege heb gezien van zogenaamde antwoorden op ultieme vragen, beschouw ik die antwoorden als elementen uit het domein van ongefundeerd, magisch denken. Magisch denken interesseert me niet — totaal niet. Ik weet niet of er een bewust, overkoepelend principe of zogenaamd "opperwezen" bestaat of niet, en het kan me ook niet schelen. Ik weet wat ik op dit moment weet vanuit dit perspectief, en dat is bar weinig.

[21] Ik weet niets over ultieme zaken: niets over onderwerping aan de wil van God, zoals in het Christendom en de Islam het geval is; niets over het realiseren van je identificatie met Brahman, zoals in het Hindoeïsme; niets over wat er gebeurt als je sterft, en niets over hoe dit alles er gekomen is - niets van dat alles. Alles wat ik weet zijn de voortdurend veranderende waarnemingen, gevoelens en gedachten in deze stroom van bewustzijn, inclusief de gewoonlijke, steeds terugkerende gedachte die "ikzelf" wordt genoemd. Ik weet dat het waargenomen ik noch die stroom maakt, noch er los van staat.

[22] Spirituele gelovigen van allerlei pluimage beweren, met ongegronde zekerheid, dat er een opperwezen is dat losstaat van die stroom. Van dat zogenaamd bewuste wezen, of het nu het Brahman van het hindoeïsme is, of de God van het christendom, de islam en het jodendom, wordt beweerd dat het permanent, eeuwig en grenzeloos is. Maar in mijn hart weet ik niet of er ook maar iets permanent is, of zelfs wat "permanent" zou kunnen betekenen in de uitgestrektheid van dit universum - zelfs niet in dat kleine deel ervan waarvan wij ons daadwerkelijk bewust zijn. Ik heb geen reden om in iets blijvends te geloven, noch twijfel ik daar aan. Ik weet het gewoon niet, en dat "niet-weten" is een essentieel onderdeel van wat ik als "ontwaakt" beschouw.

[23] Om het zo eenvoudig mogelijk te zeggen: voor zover iemand weten kan,, vervaardigt niemand deze stroom van bewustzijn — de rivier van waarnemingen, gevoelens en gedachten die op elk moment "mezelf" is. Je kunt jezelf wijsmaken dat "God" die stroom maakt, maar een naam geven aan het onbegrijpelijke doet niets om het feitelijke, onmiddellijke mysterie van levend bewustzijn—het verbazingwekkende feit dat je überhaupt bestaat, voorafgaand aan concepten over de vermeende bron van dit levende bewustzijn—te verklaren of te verlichten.

[24] Het doet er in feite niet toe of er nu wel of niet een opperwezen bestaat. Ongeacht wat je gelooft of niet gelooft, je kunt niet ontkennen dat je hier bent. Elk moment is uniek in zijn zodanigheid - zijn essentiële karakter- verschenen en weer verdwenen als een bliksemflits. Wie kan weten wat, als er al iets is, dat die zodanigheid creëert? We zijn hier zonder te weten hoe en waarom. Elk moment is wat het is wanneer het is, nietwaar?

[25] Het kritiekloos omarmen van ideeën die in een zogenaamd numineus geschrift worden gevonden, of die worden gesprokkeld uit getuigenissen waarvan de deskundigheid slechts verondersteld wordt, of die voortkomen uit een huwelijk tussen psychologische behoefte en gissing, wordt "geloof" genoemd. Ik heb daar niets mee te maken. Vanuit mijn perspectief is geloof gewoon een ander woord — een beter klinkend woord — voor lichtgelovigheid. In ontwaakt zijn ziet men dat concepten over ultieme zaken slechts voorbijgaande gedachten zijn in de veranderlijke menselijke geest, en geen "Waarheid".

[26] De stroom van bewustzijn wordt niet voor niets een stroom genoemd; zij houdt nooit op met stromen. Misschien wil je vasthouden aan wat je nu gelooft, maar je vastklampen aan ideeën — ook aan ideeën over wie en wat je bent — betekent niet dat je ze kunt houden. Dat is wat Heraclitus bedoelde toen hij de beroemde uitspraak deed: "Alles verandert en niets blijft stilstaan, en je kunt niet twee keer in dezelfde rivier stappen."

[27] Gissingen en veronderstellingen kunnen in het dagelijks leven misschien wel een rol spelen, maar zijn niet bruikbaar in ultieme zaken. Wie kan het schelen wat iemand beweert wat het "substraat" van de werkelijkheid of wat de "eerste oorzaak" van alles wat we zien zou kunnen zijn, zou moeten zijn, of is? Dat alles kan worden besproken en ontkend, maar men kan dit moment en alles wat het bevat niet ontkennen. Misschien is er helemaal geen "eerste oorzaak". Moet er wel een eerste oorzaak zijn om dit hier te laten zijn?

[28] Als iemand plezier of betekenis vindt in religieuze praktijken, mij best. Ik loop niet kritiek spuiend rond in deze wereld. Maar omdat je naar mijn ervaring vraagt, moet ik wel antwoorden dat "spiritualiteit" niets met dit alles te maken heeft, en dat het omarmen van spirituele overtuigingen die nergens op zijn gebaseerd je verder weg van begrip leiden, integendeel, het begrip juist eerder lijkt te belemmeren.

[29] Als een beroemde goeroe je vertelt dat "je niet je geest bent", wat zou dat dan kunnen betekenen? Waarom zou je zo'n uitspraak geloven? Als de goeroe charismatisch is, of veel volgelingen heeft, maakt dat de uitspraak dan waar? Als de uitspraak je op de een of andere manier gewoon aanspreekt, maakt dat het dan waar? Is er werkelijk een "jij" die niet jouw geest is, die op de een of andere manier woorden kan begrijpen, ze als waar kan beoordelen en de spreker ervan als "verlicht" beschouwt, en dus als een onfeilbare, betrouwbare bron? Of is "jij bent niet je geest" gewoon een ander idee in je geest dat je op goed geloof aanneemt of omdat je het wel mooi vindt klinken?

[30] Ik heb geen greintje belangstelling voor overtuigingen, gissingen of welke vorm van geloof dan ook, niet omdat bewezen is dat het ene of het andere geloof niet klopt of omdat ik een atheïst of een materialist ben, maar omdat dit moment op zichzelf genoeg is zonder dat ik iets hoef te geloven.

[31] Ergens tijdens mijn langzame herstel van de ziekte die mij de splitsing deed inzien tussen het ondefinieerbare mysterie-zelf en het conventionele ego-zelf, verloor ik de zin om mijn carrière in de kunstwereld voort te zetten. Ik had genoeg van de ijdelheid en de overdreven zelfpromotie, werd ziek van het gezelschap van de meeste kunstenaars op een paar na, en moest vaak teveel drinken voordat ik de openingen van mijn tentoonstellingen kon bijwonen. Ik was er klaar mee. Ik ging terug naar school, behaalde een doctoraat in de psychologie, en begon mijn werk als psychotherapeut. Dus ik veronderstel dat dat een verandering in gedrag is, als dat is wat je bedoelde.

[32] Vandaag de dag, zou ik zeggen, vormt dit alles zelfs niet de geringste moeilijkheid voor me. Zoals ieder mens heb ik een verhaal en een persoonlijkheid, niet gekozen, maar opgelegd door natuur en opvoeding. Het is wat het is. Niemand treft blaam, en ik veroordeel niemand.